Het Streekplatform+ Meetjesland nam een aantal belangrijke trends onder de loep en maakte een update van het cijfermateriaal m.b.t. ruimte, bevolking en mobiliteit. Twee belangrijke conclusies: 'van ontvolking is er in het Meetjesland geen sprake' en het 'openbaar vervoer in de regio kan veel beter'.
Het Meetjesland is met zijn bevolkingsdichtheid van 268 inwoners/km² een buitenbeentje in Vlaanderen (456 inw/km²). Op vandaag telt de regio 178.580 mensen. Dit lage bevolkingscijfer vindt zijn oorsprong in de periode 1831-1970. Sindsdien groeit het Meetjesland echter aan hetzelfde tempo als Vlaanderen, nl. met 13%. In de laatste 20 jaar kenden bovendien slechts 8 van de 37 (deel)gemeenten een daling of status quo van het aantal inwoners.


Het zijn evenwel niet de geboorten, maar wel de migratie die de bevolkingsgroei bepaalt in de Meetjeslandse gemeenten.
Een belangrijk probleem voor de toekomst wordt wel de vergrijzing, die in de regio 45,4% bedraagt, t.o.v. 42,8% in Vlaanderen. De laatste 7 jaar is de vergrijzing in onze regio 4,1% gestegen t.o.v. 2,3% in Vlaanderen. De prognose zegt dat in 2025 een derde van de Meetjeslandse bevolking uit mensen 60-plussers zal bestaan.

OPEN RUIMTE: FEIT
EN PRIORITEIT

Deze lage bevolkingscijfers weerspiegelen zich uiteraard in de cijfers van onbebouwde ruimte. Deze bedraagt voor het Meetjesland meer dan 80%. Uit bevragingen blijkt dat inwoners deze open ruimte als troef voor de toekomst beschouwen. De verstedelijkingsdruk maakt evenwel dat deze open ruimte sluipend ingenomen wordt, de laatste 20 jaar met 4%. De gemiddelde leefruimte per inwoner nam in die periode af met 5,5% of 300 m². Een mooie achtertuin per inwoner minder dus.
Opmerkelijk is verder dat het aandeel bebouwde oppervlakte dat ingenomen wordt door wonen, 10% hoger is dan gemiddeld in Vlaanderen. Het Meetjesland is dus een uitgesproken woonregio.

OPENBAAR VERVOER
NIET ECHT IN DE LIFT

Onze plattelandsregio heeft een goed uitgebouwd wegennet en is goed ontsloten middel de 'Meetjeslandse ruit'. De interne mobiliteit verloopt echter soms moeizaan, waarbij vooral de N9 als probleemweg aangeduid wordt. Deze ruggengraat van de interne mobiliteit heeft het moeilijk om de functie als snelle verbindingsweg met Gent te combineren met de functie van as voor lokaal verkeer.
Opmerkelijk is dat verkeerstellingen op 14 punten in de regio aantonen dat, ondanks onze perceptie, de drukte op onze hoofdwegen sedert 2002 niet toenam.
De gewenste forse stijging in gebruik van het openbaar vervoer blijft wat uit in het Meetjesland. De toenemende trend op Vlaams niveau is wellicht voornamelijk aan stedelijke gebieden toe te schrijven. Zowel het aantal treinreizigers als lijnbusreizigers stijgt wel, maar niet spectaculair. Deze stijging is toe te schrijven aan de dienstverlening van De Lijn en de NMBS die de laatste jaren uitgebreid werd. Deze dienstverlening wordt echter nog steeds als ontoereikend ervaren, wellicht doordat een dunbevolkte plattelandsregio nu eenmaal moeilijk integraal te bedienen is. Daarnaast staat het relatief vlotte autoverkeer op de hoofdwegen in de weg dat mensen naar het alternatief van openbaar vervoer grijpen.