“Kan iemand me een lift geven naar het vliegveld?”. Met die vraag sprak de wat spichtige, niet al te grote man verschillende kerkgangers bij het buitenkomen van het kerkje van Oostwinkel (nu Lievegem) in het Frans aan. Daar had zopas de uitvaart plaats van Eric Rijckaert, huisarts en gewezen ploegarts van wielerploeg Festina in de Ronde van Frankrijk. Uiteindelijk voerde een vrouw uit Lembeke hem naar het enkele kilometers verder gelegen vliegveld van Ursel, waar een privé-sportvliegtuigje stond te wachten om hem terug naar Frankrijk te brengen. Die man, destijds Frans wielerkampioen Richard Virenque, had er alles voor over om naar de uitvaart te komen van de dokter, die er tijdens die tumultueuze Tour van 1998 ook altijd voor hem was geweest.
Taptoe kijkt 21 jaar terug en reconstrueert een verhaal waarin een dokter uit de streek de hoofdrol speelde.

Arsenaal aan doping
Zelfs 21 jaar na de feiten blijft de Tour van 1998 in het collectieve wielergeheugen gegrift. Belgen speelden er de hoofdrol in, niet op de fiets, maar als bevoorraders en toedieners van EPO, het wondermiddel uit die jaren dat renners toeliet boven zichzelf uit te stijgen. EPO is eigenlijk een geneesmiddel voor nierpatiënten, maar omdat het toelaat de opname van zuurstof uit het bloed (en dus uithoudingsvermogen) te verhogen, vond het ook zijn weg naar de wielrennerij, altijd op de uitkijk naar middelen die de prestaties verhogen.
Terug naar dat bewogen jaar 1998. De Tour zou starten op 11 juli in Dublin. Maar die dag heeft niemand nog oog voor het sportieve gebeuren, maar wel voor wat enkele dagen eerder, op de Belgisch-Franse grens, in Rekkem, is gebeurd. De Franse gendarmerie heeft er een wagen, op weg naar de Tour, tegengehouden en bij controle vonden ze aan boord een indrukwekkend arsenaal doping middelen: meer dan 400 ampullen EPO, spierversterkende groeihormonen en nog diverse pijnstillende corticoïden en energie-voedende amfetaminen…
De doping lag in de wagen van de bekende Belgische 'soigneur' Willy Voet, in dienst van de Franse wielerploeg Festina. Toen hij het nieuws te horen kreeg, liet een wanhopige Richard Virenque, topklimmer en erg populair in zijn Frankrijk, zich naar verluidt ontvallen: “Oei, mijn producten, wat ga ik nu doen?”

Punto
Voet wordt opgesloten in de gevangenis van Rijsel. Het nieuws raakt bekend en is onmiddellijk voorpaginanieuws in Europa. Het is het begin van wat de geschiedenis zal ingaan als 'De Tour de Merde'. Een dag na de Tour-start zweert Festina-ploegleider Bruno Roussel op het hoofd van zijn kinderen dat hij niets met de zaak te maken heeft. Nog geen vijf dagen later bekent hij. Die bekentenis komt er nadat Voet had bekend dat hij de doping vervoerde in opdracht van Festina en van  Belgische ploegarts Eric Rijckaert. Ondanks smeekbedes van zijn vrouw om na de arrestatie van Voet snel de Ronde te verlaten en naar huis te komen, bleef Rijckaert bij zijn renners. Aanvankelijk probeert hij de boot nog af te houden: "Ik heb nooit één atleet Epo of anabolica toegediend”, verklaart hij nog op 13 juli. Het typeert de man. Hij zit al in het wielerpeloton sinds 1986. Zijn bijnaam in het milieu was Punto: tot dààr en niet verder, ook als het om doping gaat. Hij was niet, zoals anderen, bereid om renners zomaar om het even wat in ongeziene hoeveelheden toe te dienen. Op een gegeven moment dreigde die koppigheid hem zelfs zijn baan bij Festina te kosten. Zij wilden toen verder gaan, zoals andere ploegen en ploegartsen dat deden.
Rijckaert wordt aangehouden en zal drie maanden in voorarrest zitten. Zolang probeerde hij de Franse speurders en de onderzoeksrechter ervan te overtuigen dat medische begeleiding van wielrenners niet zomaar als doping kan worden afgedaan, dat een Tour rijden zelfs gevaarlijker is zónder EPO dan mét en dat hij op medische gronden geen fouten had begaan. Zijn betoog helpt niet.

Rennersstaking
Willy Voet zat amper 17 dagen in voorhechtenis. Op vrijdag 17 juli zet Tour-baas Jean-Marie Leblanc de ploeg Festina uit de Tour, nadat ploegleider Roussel bekende dat al zijn renners EPO namen. De negen Festina-renners worden op donderdag 23 juli verhoord in Lille. Vijf coureurs waaronder wereldkampioen Brochard, bevestigen dat zij EPO gebruikten. Virenque ontkent. Zijn collega's Magnien en Bouvard zeggen later dat er een dopingcircuit in de ploeg bestond. De Franse justitie zet haar onderzoek onverdroten verder. Hotels worden binnengevallen, ploegleiders, verzorgers en renners ondervraagd. De chaos in de Tourkaravaan is compleet, wanneer 6 ploegen het afstappen. Omdat ze de invallen van de justitie beu zijn, gaat de uitgedunde Tourkaravaan tot twee keer toe in staking (foto). De invallen gaan echter gewoon verder. Ook bij Casino, ONCE, Lotto, Polti en La Française des Jeux neemt justitie een kijkje. Op zondag 2 augustus wordt op de Champs Elysées uitgerekend Marco Pantani gehuldigd als eindwinnaar. Zijn zege is indrukwekkend, maar zijn gele trui schittert niet. Ook als, zo blijkt later, de winnaar ook niet vies was van het spul. Ook al beweert Pantani dat hij in 1998 de cleanste Tour ooit heeft gewonnen. Vanaf het volgende jaar begint de 7 jaar hegemonie van Lance Armstrong, met de nefaste gevolgen die iedereen kent.

Boek als rechtzetting
Tijdens zijn maanden in de Franse gevangenis krijgt dokter Eric Rijckaert echter nog veel tragischer nieuws te verwerken. Longkanker wordt tijdens een routine onderzoek gedetecteerd. Wanneer hij mentaal en fysisch gebroken vrijkomt, heeft hij nog maar twee doelen voor ogen: vechten voor zijn leven en voor zijn aanpak als ploegarts. Een week na zijn vrijlating wordt hij geopereerd aan longkanker met uitzaaiingen tot in de hersenen. Overrompeld door de pers wil hij niemand nog interviews toestaan. Hij verwijst naar een boek dat hij als verweer aan het schrijven is, samen met een wielerjournalist.  Alleen Taptoe slaagt erin om hem in absolute primeur tot een exclusief gesprek te bewegen. Daarin verdedigt hij zijn stelling dat de Ronde zo zwaar wordt belast dat het bijna normaal is dat renners naar doping grijpen. “Is het eigenlijk wel gezond om een tour te rijden zonder doping?, vraagt hij zich openlijk af.
Het is een door zijn ziekte al zwaar getekende Eric Rijckaert die in 2000 zijn boek “De Zaak Festina. Het recht van antwoord van dokter Eric Rijckaert” voorstelt. Het boek wordt goed ontvangen. Recensies gewagen van een aangrijpend document waarin niet zwart-wit wordt gedacht over doping, maar waarin Rijckaert pleit om het gebruik van verboden middelen onder bepaalde omstandigheden toe te staan.
Op het latere Festina-proces in Frankrijk, werd het dossier van de dokter niet meer behandeld wegens zijn ziekte. Eric Rijckaert overleed in de nacht van donderdag 25 op vrijdag 26 januari 2001 in zijn woning te Oostwinkel. Hij werd 57 en liet een vrouw en drie kinderen na. Een week later, op zaterdag 3 februari, is het kerkje van Oostwinkel veel te klein voor de begrafenis. Tussen de aanwezigen heel wat renners, maar ook Richard Virenque, Willy Voet en gewezen Festina-ploegleider Roussel. Qua eerbetoon kon het tellen.

Piet De Baets