• Eeklo

De vergeten helden van ‘t KaaikenZou iemand van de vele duizenden bezoekers aan de grootste Rommelmarkt van Vlaanderen op de wijk ‘t Kaaiken, zich realiseren waarom het kloppend hart van deze Kaaifeesten het ‘Gebroeders Van de Woestijneplein’ heet? En heeft iemand van de duizenden passanten op het Koningin Astridplein in Eeklo oog voor de arduinen, amper leesbare gevelplaat van advocatenkantoor Ryckaert (nummer 12), ter ere van dezelfde Edmond Van de Woestijne?Eeklose spion werd exact 100 jaar geleden doodgeschotenDe vergeten helden van ‘t KaaikenHet is op 8 oktober exact 100 jaar geleden dat de Eeklose spion, als laatste van de 52 Belgische spionnen, amper een maand voor het einde van de Eerste Wereldoorlog werd gefusilleerd in Gent. Zijn broer Edgar onderging hetzelfde lot, op dezelfde plaats, op 7 april 1916.Hierna een historisch portret, 100 jaar na de feiten. Ken uw helden!Duitse troepenbewegingenNadat de Duitsers in september 1914 het grootste deel van Vlaanderen veroverden, begon het verzet zich al snel te organiseren. Het Meetjesland speelde daar een cruciale rol in. Het was door onze streek dat spionnen en hun info over de Duitse troepen hun weg vonden via het neutrale Nederland naar Engeland. En het Leopoldskanaal en later ‘den draad’, een afsluiting onder hoogspanning op de Belgisch-Nederlandse grens (zie uitgebreid verhaal verder in dit blad), hielden die niet tegen. Vanuit het bezette Vlaanderen speelden netwerken van inlichtingendiensten informatie over legertreinen en troepenbewegingen door. Zo’n troepenverplaatsingen konden wijzen op Duitse offensieven die op til waren en dan konden de geallieerden zich daarop voorbereiden.Zo begon Edgar Van de Woestijne, een werkloze spoorwegarbeider, vanaf juni 1915, vermoedelijk op vraag van zijn broer, een eigen spionagedienst uit te bouwen.  Op basis van info van dat netwerk probeerden de Britten op 1 november 1914 met een bombardement de Duitse Keizer, die op bezoek was in Tielt, uit te schakelen. De Duitsers kregen lucht van de aanval en de keizer vertrok halsoverkop en ongedeerd. Rapporten over het treinverkeer in en rond Gent, Deinze en Eeklo werden door een koerier naar Nederland gebracht. En daar liep het rond Kerstmis 1915 mis. Een koerier, die tegen alle goede raad in, toch de tram Eeklo-Watervliet had genomen, viel in handen van de Duitsers. De rapporten die hij bij had, waren anoniem, maar toch moet iemand zijn mond voorbij gepraat hebben, want vlak na Nieuwjaar werd Edgar Van de Woestijne van zijn Eeklose bed gelicht en overgebracht naar de gevangenis in Gent.Testament Ondanks martelingen en zware mishandelingen bleef hij hardnekkig zwijgen. Het proces op 28 en 29 februari voor de Duitse krijgsraad, ook wel Bloedraad genoemd, was een aanfluiting van de rechtsgang. Edgar en drie andere kopstukken uit Tielt werden ter dood veroordeeld. In de gevangenis aan de Nieuwe Wandeling kreeg Van de Woestijne op 6 april 1916 een laatste keer bezoek van zijn vrouw en twee kinderen. De volgende morgen zou hij worden gefusilleerd. Hij kreeg nog de kans een afscheidsbrief te schrijven naar zijn vrouw en kinderen en zijn testament te maken. In die brief, in het Frans, had hij nog een vurige wens in verband met zijn kinderen: “Vertel hen nu niet over hun ongelukkige vader, laat die taak over aan de geschiedenis om hen mijn trieste lot te vertellen”. De volgende dag werd het doodsvonnis voltrokken en ter plaatse begraven. SchijnprocesIn het voorjaar van 1917 was het de beurt aan broer Edmond om de fakkel over te nemen. Vermoedelijk had hij al ervaring opgedaan in het netwerk van zijn broer Edgard. Hij richtte ‘De Dienst Roze’ op. Die hield de Duitse handel en wandel in de gaten in Eeklo, Gent en Maldegem. Edmond, die verzekeringsagent was, ging de rapporten ophalen in Gent en die van Maldegem werden bij hem thuis in Eeklo geleverd. Vandaar gingen ze met een koerier naar Nederland. Maar die dienst werd ontdekt door de Duitsers, en de cel van Edmond deelde ook in de brokken. Hij werd op 10 mei 1918 opgepakt en naar de gevangenis in Gent overgebracht.Tijdens alweer een schijnproces op 29 juli 1918 in Gent werden hij en twee anderen ter dood veroordeeld. Op 8 oktober werd hij als laatste van in totaal 52 verzetslui gefusilleerd. Een week later werd zijn executie aangeplakt, wat de Gentse schepen Marc Bartsoen de noodkreet ontlokte (in het Frans): “En deze horror moet nog plaats hebben, terwijl men aan de vooravond van de vrede staat”. Een maand later was die horror definitief voorbij. De Gebroeders Van de Woestijne gaven hun leven en kregen er een arduinen gedenkplaat en de naam van een plein in Eeklo voor terug.(PDB)