Guy Jespers: van onderzoeksrechter tot moordverdachte

Jespers zit zijn zware straf uit. Vijf weken na zijn proces trouwt hij in de gevangenis met zijn geliefde Ghislaine Clincke. Hij onderneemt ondertussen verschillende pogingen om zijn zaak voor het Hof van Cassatie te mogen verdedigen. Alle verzoeken worden evenwel afgewezen.  Twee jaar later, begin 1980, krijgt Jespers in de gevangenis van Nijvel een herseninfarct. Hij wordt naar de ziekenboeg van de gevangenis van Sint-Gillis overgebracht, waar dokters hem twee zware injecties in de halsslagader geven. Dat blijkt achteraf een serieuze medische blunder te zijn.

Guy Jespers verandert van dan af in een wrak. Hij kan niet meer eten of praten. De hele rechterkant van zijn lichaam is verlamd. Ghislaine houdt vol dat ze hem opzettelijk hebben platgespoten, ‘om hem alsnog het zwijgen op te leggen’.
Na enkele dagen gaat het iets beter met hem. Maar hij blijft hulp nodig hebben om zich te wassen en om te eten.
Zowel Ghislaine Clincke als Jean Van Londersele, een vriend advocaat van Jespers, vertellen aan de journalisten een meelijwekkende anekdote. Op een bepaald moment in het ziekenhuis bracht hij een flesje naar zijn mond om te drinken, maar wat hij niet besefte was dat het flesje geen water bevatte, maar wel zijn aftershave…
Na enkele weken krijgt hij een betere behandeling in een Ukkelse kliniek. Hij wordt er deskundig begeleid door een logopediste voor zijn spraak, en een ergotherapeute en kinesitherapeute voor zijn motoriek.
Drie maanden later wordt Jespers op medische gronden (voorlopig) vrijgelaten. Hij mocht zich in den beginne echter niet meer in Oost-Vlaanderen vestigen. Samen met Ghislaine zwerft hij onrustig rond van de ene naar de andere locatie o.m. in Antwerpen en Zeebrugge.
Hij wordt nog steeds door een logopediste begeleid voor zijn nauwelijks verbeterd spraakgebrek. Maar de kinderachtige behandeling, waarbij hij korte zinnetjes als ‘Jantje is ziek’ leert formuleren, doet de eens zo trotse Jespers pijn.
In de nazomer van 1980 gaat het al beter met hem. Hij kan al weer - zij het moeizaam - een partijtje biljart spelen met zijn nog steeds grote schare vrienden. Hij wordt op 5 juli ’81 echter getroffen door een nieuwe medische aandoening: epilepsie.

Meesteroplichter
Tijdens haar bezoeken in de gevangenis heeft Ghislaine ondertussen kennisgemaakt met de vrouw van William Vandergucht, een meester-oplichter van formaat. Een tijdlang werd hij ook verdacht van moord op een handlanger.Maar bij gebrek aan bewijzen viel die aanklacht  op zijn proces weg.
Vandergucht werd uiteindelijk veroordeeld voor de jarenlange oplichting als verzekeringsagent van zijn verzekeringsmaatschappij ‘De Vaderlandsche’, waarmee hij in totaal een slordige 107 miljoen Belgische frank (2,65 miljoen euro) had buit gemaakt. Hij kreeg daarvoor in 1978 5 jaar cel.
Eens in de cel broedde hij al snel op een nieuw duivels plan. En de vrouw van Jespers zou straks daarin onvermoed een tijdelijke hoofdrol gaan spelen.
Tijdens zijn opsluiting was hij goed bevriend geraakt met Guy Jespers.
Na zijn vrijlating (1983) begint Vandergucht een vriendschappelijke relatie met een bankdirecteur van de Gentse ASLK-bank (nu BNP Paribas).
In die tijd was de ASLK een staatsinrichting, en dit paste volledig in zijn plan om zich op de Staat, verantwoordelijk voor zijn opsluiting, te wreken.
Vlak voor de Paasvakantie van 1983 zoekt Vandergucht zijn vriend de bankdirecteur op. Hij deelt hem mee dat hij op de eerstvolgende vrijdag een cheque van 77 miljoen ( bijna 2 miljoen €) zal storten en meteen cash wil afhalen. Er moet op die dag dus zeker genoeg geld in de Gentse bankkluis aanwezig zijn. De bankdirecteur gaat - nietsvermoedend(!) - akkoord.
Op dat moment gaat Vandergucht even langs bij Ghislaine Clincke. Hij vraagt haar om hem een cheque van 10.000 frank (250€) uit te schrijven als tijdelijke lening en belooft haar een hoog percentage opbrengst bij teruggave zeer binnenkort. Ghislaine, die op dat moment in zware financiële moeilijkheden verkeert en een snel extraatje goed kan gebruiken, hapt toe. Ze schrijft hem een cheque uit van 10.000 frank. Daarna zet Vandergucht er stiekem 3 cijfertjes vóór, zodat bovenaan de cheque een duizelingwekkend totaalbedrag prijkt van 76.910.000 frank.

De oplichting
Met die cheque trekt hij die vrijdag naar de ASLK-vestiging in Gent. De cheque wordt aanvaard, wellicht op aandringen van de bankdirecteur, die zijn vriend-klant goed wou soigne-
ren. Er wordt verteld dat een speciale politie-escorte het geldtransport begeleidde van de Nationale Bank in Brussel naar Gent. Tijdens de overhandiging van de indrukwekkende hoop cash geld zette de bankdirecteur zelfs extra veiligheidspersoneel in om Vandergucht te beschermen tegen mogelijke roofpogingen!
Vandergucht borg het geld zorgvuldig op in 2 meegebrachte valiezen en vluchtte zo snel mogelijk veilig het land uit. Omwille van het verlengd Paasweekend duurde het nog tot de volgende dinsdag vooraleer werd ontdekt dat de cheque niet gedekt was.
Meteen worden de grote middelen ingezet om de meesteroplichter te vinden. Maar die is ondertussen het land al uit, met een vals diplomatiek paspoort en niemand weet waar hij zit.
De aprilvis was gelukt. Want geloof het of niet, die beruchte vrijdag waarop William Vandergucht zijn ongedekte cheque inde, was op… 1 april.
Het bankpersoneel en de directeur konden er alvast niet mee lachen…  Maar vooral Ghislaine Clincke niet, die ondanks haar naïeve medewerking met lege handen achterblijft. Vandergucht had haar eventjes gebruikt en dan aan haar lot overgelaten. Zoals hij ook deed met vrouw en kinderen.
Ghislaine beseft dat ze gefopt is en zit nu zelf in de diepste miserie. Ze wordt aangehouden voor medeplichtigheid en vertoeft een tweehonderdtal dagen in de cel, waarna ze - wegens gebrek aan bewijzen – en wegens haar ondergeschikte rol, wordt vrijgelaten.
Vandergucht zelf hing in het voor justitie onbereikbare Spanje de grote Jan uit en nodigde de Vlaamse pers bij hem uit voor uitgebreide exclusieve interviews.
Nadien werd het plots stil rondom hem en hij bleef jarenlang spoorloos, tot hij negen jaar later in Nice (Frankrijk) dood in zijn auto werd aangetroffen. Hij had een hartstilstand gekregen.
Een deel van het gestolen bedrag werd kort na de oplichting al gerecupereerd, de rest heeft hij allicht verkwanseld. De bankbiljetten konden al die tijd niet worden getraceerd omdat het bankpersoneel verzuimd had de nummers te noteren.
Jespers zelf had van Clincke’s medewerking al die tijd geen weet. Hij heeft wel meegewerkt met het onderzoek. Hij was immers al vrij en wou zijn echtgenote zo vlug mogelijk terug bij hem als bijstand in zijn dagelijkse miserie.
Hij stierf aan kanker op 20 juni 2002, en nam al zijn geheimen, die hem zijn functie, zijn vrijheid, zijn eer, zijn gezondheid, en bijna zijn leven kostten, mee in het graf…

Conclusies
Over het proces Jespers zijn achteraf nog jarenlang diverse boeken, zelfs een film, verschenen. Allemaal met een eigen visie of teneur. Maar steeds met als hoofdtoon ‘twijfel’.
Na 33 jaar is het niet meer nodig of mogelijk deze zaak een objectieve nabeschouwing te geven.
Echte bewijzen tegen Jespers kwamen op het proces nooit duidelijk aan het licht. En de rol van zijn collega’s, die hem vanaf de eerste dag zonder bewijzen als verdachte opvoerden voor pers en publiek en bijna triomfantelijk opsloten, heeft de massa onmiddellijk en definitief in 2 kampen verdeeld: believers en non-believers.
De waarheid werd negen maanden lang tevergeefs nagejaagd.
De hoofdpersoon is al jaren dood. Zijn kinderen gaan goedschiks kwaadschiks in het Gentse door het leven, zij het voor een groot deel anoniem. De Cramer, Van Renterghem en hun respectievelijke vrouwen schuwen de belangstelling.
En Ghislaine Clincke leeft - in gezelschap van een zoon van haar - anoniem op een Gents appartement aan de Gentse  Zuid.  Ze wil niet meer over de zaak geïnterviewd worden, al deden we daar serieuze pogingen voor. Ze ontving ons als oude vriend-Eeklonaar niettemin graag, gemoedelijk en gastvrij, maar is veel zaken vergeten of heeft ze bewust verdrongen. Ze ziet er nog altijd schitterend uit en blijft enthousiast vertellen en vragen stellen over haar Eekloos verleden.
Eén zaak staat vast: Jespers zelf heeft zijn onschuld al die jaren hardnekkig staande gehouden. En De Cramer heeft evenveel jaren zijn mening over de schuld of onschuld van Jespers evenveel maal veranderd of aangepast.

Luiz De Baets
Piet De Baets (conclusies)