Dagbladhandelaar Jan Primo was vorige woensdag eventjes de held van Waarschoot. Na een spectaculaire achtervolging  doorheen het ganse dorp waarbij hij de ziel uit zijn lijf liep, kon hij twee Roemeense valsmunters vatten.

Jan Primo runt al vier jaar lang de dagbladhandel La Gazette in de Schoolstraatin Waarschoot, nabij Gent. ‘In die vier jaar heb ik nog nooit een vals briefje ontvangen’, vertelt hij.  Jan heeft echter geen toestel die echte biljetten van valse kan onderscheiden, en dat heeft zijn buurvrouw, bakkerin Marlies wel. ‘Rond half zes woensdagavond zijn ze daar binnen gekomen en wilden ze betalen met een briefje van 50 euro, dat vals bleek. Onmiddellijk nadien moeten ze bij mij in de winkel zijn gekomen en eigenlijk waren het best sympathieke gasten. Ze spraken Engels en Frans en wilden eerst sigaretten en dan weer een snickers die ze dan ruilden voor een bounty waarna ze weer begonnen over een cola … enzovoort. Uiteindelijk bleken ze niet genoeg klein geld bij te hebben en betaalden ze met een briefje van 50 euro.’ Primo aanvaardde zonder argwaan het biljet, tot hij even later buiten een sigaretje stond te roken. ‘Plots kwam Marlies naar buiten. Je hebt van die gasten toch geen geld aanvaard, want het geld is vals!’ Na een controle blijkt inderdaad een watermerk te ontbreken. Maar net op dat moment ziet Jan Primo tot zijn eigen verrassing de twee een paar honderd meter verder lopen op het dorpsplein van Waarschoot. ‘Ik heb geen seconde geaarzeld, ben in mijn auto gesprongen en naar daar gereden. Toen ik ze niet meer opmerkte heb ik eerst het café Comil Foo gecontroleerd, dan de pralinewinkel Brigittetot ik ze zag staan in de lingeriewinkel.’ Maar toen Primo de winkel roepend  binnenstormde dat het geld vals was, greep een van de Roemenen hem bij de arm. ‘Hij staat er nog dik en blauw van’, kan er achteraf wel een glimlach af. ‘En toen ik de andere gast naar zijn broekzak zag tasten, ben ik weggegaan bij de deur. Ik heb geen messteek over voor 50euro.’ Jan kreeg een fikse duw waardoor hij tussen de beha’s belandde en de Roemenen op de vlucht gingen. ‘Ik ben er onmiddellijk achteraan gelopen tot aan de Metaalstraat, maar daar ben ik ze kwijt gespeeld.’ En toch was het avontuur nog niet gedaan. ‘De politie was inmiddels gearriveerd en stuurde mij terug naar huis. Maar nog vol van de adrenaline ben ik opnieuw in mijn auto gesprongen en richting Metaalstraat gereden en aan de Bovenmeers zag ik ze plots opnieuw.’ Primo gooide zijn handrem dicht en zette opnieuw de achtervolging in, dit keer met behulp van enkele agenten. ‘Ze zijn dan de Kleine Bovenmeers ingelopen en door enkele tuintjes gelopen, zelfs door de tuin van schepen Ellen Coppens, de velden in. De politie had intussen bijstand gekregen van de collega’s uit Eeklo en kon ze uiteindelijk toch overmeesteren. ‘Of ik nu een held ben? Nee, Ik wil de politie danken voor hun snel optreden!’, blijft hij nuchter. ‘Ik wou vermijden dat andere collega’s hun slachtoffer werden.’

Nog 110 briefjes

De twee Roemenen Pakou B. (21) en Rusu C. (23) werden gisteravond voorgeleid bij de onderzoeksrechter. Ze hebben geen vaste verblijfplaats in België, maar zeggen wel vanuit Roemenië naar Parijs te zijn getrokken bij een neef en nadien naar Sint-Jan-Molenbeek (Brussel) te zijn gereisd. Het geld –bekenden ze- hadden ze zelf gemaakt in Roemenië. In hun auto die later is teruggevonden aan de Metaalstraat, lagen nog 110 valse briefjes van 50 euro. (OW)