De Universiteit van Gent doet samen met wetenschappers uit diverse Europese landen een experiment in het Meetjesland om bijen van de dodelijke Varroa-mijt te redden, een kleine parasiet die zich vermeerdert in het broed van de honingbij. Het onderzoek gebeurt door resistente koninginnen uit Noordelijke en Zuiderse landen in te voeren om hier hun eventuele resistentie tegen de inlandse mijt van bij ons te bestuderen. Indien dit op cellulair niveau wordt gevonden wil men vervolgens door kruising met inlandse koninginnen bekomen dat onze honingbijen terug kunnen blijven leven zonder veel tussenkomst van de imker, maar door een eigen natuurlijke resistentie.

“De volgende wintermaanden zal duidelijk worden of onze eigen Vlaamse lokale volken kunnen wedijveren met de ingevoerde top-koninginnen,” aldus prof. Dirk de Graaf. Bij positief resultaat is er in het Meetjesland een revolutionaire kweekstudie tot stand gekomen dat de bijenpopulatie hopelijk helpt om zichzelf in stand te houden, bevrijd van de Varroa-mijt. Het gaat niet goed met de honingbij. Elke winter sterft in België bijna een derde van het bijenbestand en hiermee zijn we de koplopers van Europa. De oorzaak is een allegaartje van factoren, waaronder ziekten, invasieve soorten en een veelheid aan ziekteverwekkers, te weinig bloemen, te veel pesticiden en te weinig veerkracht van de bijenvolken door foute kweekprogramma’s.Voor wetenschappers is het een uitdaging om door kruis- en kweekstudies met geïmporteerde resistente bijen inzichten te krijgen in de mechanismen die aan de basis liggen van ziekteresistentie en -tolerantie bij de honingbij. Het is de bedoeling om zo te komen tot meer veerkrachtige resistente inlandse bijen die zich plaatselijk kunnen ontwikkelen zonder gebruik te moeten maken van medicatie en zo beter in harmonie leven met de natuur.

Aan de Universiteit Gent wordt al geruime tijd onderzoek gedaan naar de teloorgang van de bijen. Sinds 2014 werd op de campus ‘De Sterre’ te Gent een samenwerkingsplatform ‘Honeybee Valley’ opgericht dat probeert het tij te doen keren door samenwerking aan te gaan met internationale onderzoekers, imkers, landbouwers, natuurliefhebbers en de verschillende overheden als sponsors.

Varroa-mijt is boosdoener.
Sinds 1984 worden bijenkolonies belaagd door de varroa-mijt (Varroa destructor), een kleine parasiet die zich vermeerdert in het broed van de honingbij. Deze mijt is ondertussen de belangrijkste oorzaak van wintersterfte bij onze bijen geworden. De moderne imker bestrijdt deze mijt met chemicaliën en imkertechnische ingrepen. Nochtans moet het mogelijk zijn dat bijen door natuurlijke selectie tolerant worden tegen deze ziekte, waardoor het gebruik van chemicaliën in een bijenkast overbodig wordt. Doch, natuurlijke selectie is een langzaam proces en gaat veelal gepaard met grote verliezen op de bijenstand.
Het onderzoek aan de Universiteit Gent onder leiding van prof. Dirk de Graaf spitst zich toe op het zoeken naar het erfelijk gebied in een cel dat verantwoordelijk is voor tolerantie tegen varroa, bijvoorbeeld door verminderde reproductie van deze mijt uit te lokken. Zo wil men bekomen dat een honingbij terug kan blijven leven zonder veel tussenkomst van de imker, maar door een eigen natuurlijke resistentie.

Kweek met vreemde koninginnen.
Men weet dat er koninginnen bestaan in verschillende Europese landen (Zweden, Frankrijk en Noorwegen) die wel degelijk tolerant zijn aan de Varroa-mijt. Met deze koninginnen  wordt nu getest op vijf locaties in Europa: Nevele, Uppsala, Avignon, Bern en Hohenheim.
De resultaten van deze grootschalige uitwisseling van koninginnen moet inzicht verschaffen in hoeverre de nagestreefde Varroa-tolerantie al dan niet afhankelijk is van lokale omgevingsfactoren (o.a. klimaat).
Zo is professor Dirk de Graaf, directeur van het Gentse Universitaire centrum, betrokken in een onderzoek dat de ‘top-moeren’ (nvdr. vakterm voor een uitstekende bijenkoningin) van over gans Europa uitwisselt om te zien of zij in een vreemde omgeving even goed presteren. Voor deze projecten zijn echter een groot aantal bijenkasten nodig, waarvoor de bijenstand op de Universitaire campus in Gent niet meer voldeed.
Daarom is prof. de Graaf op zoek gegaan naar een landelijke omgeving met een rijke dracht, en met bloesems en (dus) eten voor de bijen het ganse jaar door. Hij heeft zijn ideale locatie gevonden in Nevele in een uniek park in volle rust. Daar staan sinds deze zomer unieke bijenvolken in talrijke korven opgesteld.

Verschillend gedrag.
Wetenschappelijk medewerker en Zomergemnaar Dries Laget van Honeybee Valley vertelt ons dat het gedrag van deze Europese volken erg verschilt: “Volken van de Scandinavische landen, zoals Zweden en Noorwegen, hebben al van in de prille lente neiging tot zwermen.  Ze zijn onze gematigde temperaturen niet gewoon en denken voortdurend dat het tijd is om het volk te splitsen. De bijenvolken van het Middellandse Zeegebied zijn dan weer opmerkelijk agressief. De zachtaardigheid van onze Vlaamse volken is alom gekend en is het resultaat van het selectiewerk van onze imkers. Door ook met die zuiderse volken te werken valt dit des te meer op.”
“De volgende wintermaanden zal duidelijk worden of onze eigen Vlaamse lokale volken kunnen wedijveren met de ingevoerde top-moeren,” aldus prof. de Graaf. “Voorlopig ziet onze test er goed uit voor onze lokale bijenvolken: ze hebben zich het best ontwikkeld en zullen waarschijnlijk het sterkst deze winter ingaan. Of zij op deze ‘eerste plaats’ zullen blijven staan, zal pas duidelijk worden rond maart 2018. Indien positief is er in het Meetjesland een revolutionair kweekresultaat tot stand gekomen dat onze bijenpopulatie hopelijk helpt om zichzelf in stand te houden.”

Piet De Baets